De verkiezing van de burgemeester

Twintig jaar geleden was de verkiezing van de burgemeester nog een achterkamertjesbesluit wat in Den Haag werd genomen, tegenwoordig staat dat achterkamertje in de hoofdplaats van de gemeente en is het handjesklap tussen (meestal) fractievoorzitters. Qua democratie is de winst minimaal, of je moet zeggen dat het feit dat de lokale democratie nu een rol heeft de winst is.

Nijmegen is een mooie stad in het oosten des lands. Burgemeester was de heer Thom de Graaf, die bekend was als Tweede Kamerlid van D66 tijdens de paarse periode. Later was hij minister van bestuurlijke vernieuwing, waar heel weinig van terecht is gekomen. Uiteindelijk stapte hij op omdat hij de gekozen burgemeester niet door het parlement wist te loodsen. De benoemingsprocedure in Nederland was ondemocratisch aldus De Graaf, alleen in GeorgiĆ« is men nog zo ondemocratisch. Vervolgens liet hij zich op z’n Georgisch benoemen als burgemeester in Nijmegen.

In september 2011 werd ineens bekend dat De Graaf het bijltje erbij neergooit, vlak voor het einde van zijn termijn. Hij had namelijk een unieke kans gezien om voorzitter van de HBO-raad te worden, een functie die normaal gesproken alleen wordt vervuld voor al uitgerangeerde politici. Kennelijk had De Graaf er geen vertrouwen in te worden herbenoemd en koos hij de vlucht naar voren.

Het grote spel om wie de burgemeester wordt was begonnen. Er werd een vertrouwenscommissie in het leven geroepen die met twee kandidaten naar de gemeenteraad kwam, volstrekt in de geheimzinnigheid zoals de wet voorschrijft. De namen van de twee kandidaten lekten echter uit. De twee namen waren Sharon Dijksma en Hubert Bruls. De voorkeur van de vertrouwenscommissie ging uit naar Dijksma.

Toen de namen eenmaal uitlekten, stak een storm van protest op. Dijksma was zo impopulair dat de raad uiteindelijk overstag ging en de heer Bruls benoemde. Frans Timmerman verzuchtte op zijn facebook pagina dat het slecht was dat de naam was uitgelekt omdat de publieke opinie nu een rol ging spelen. Pardon?

Vanzelfsprekend is het laakbaar (en strafbaar) dat de namen van de kandidaten uitlekken. De mensen die dit bewust hebben gelekt verdienen het om vervolgd te worden, al is de kans daarop natuurlijk minimaal. Maar als je een voordracht geheim moet houden omdat de bevolking anders in opstand komt, heb je wel een hele rare kijk op hoe representatieve democratie zou moeten werken.

Dit voorbeeldje, maar er zijn anderen, toont aan dat de huidige procedure bijna geen meerwaarde heeft boven centrale dropping, wat hiervoor gebeurde. Laat een vertrouwenscommissie in samenwerking met de Commissaris der Koningin een voordacht maken van twee kandidaten die bekend worden, waarna de gemeenteraad gewoon in de openbaarheid kiest.